Cantillon still going strong

Cantillon, de laatste historische brouwerij van Brussel: “Mijn schoonvader zei: ‘Op straat geuze schenken? Gij zijt zot’”

Voor Jean-Pierre Van Roy (80) is geen weg terug: brouwerij Cantillon - zijn levenswerk - is onlosmakelijk verbonden met Brussel en vice versa, geen haar op zijn hoofd denkt er nog aan om Brussel te verlaten. Ondanks zijn leeftijd stapt hij nog gezwind, vertelt hij nog bevlogen en borrelen er daar boven nog altijd ideeën. Op bezoek in de enige historische brouwerij die onze hoofdstad nog telt. “Potverdikke, zei ik. Ik had de oplossing gevonden.”

Tachtig lentes telt hij intussen, maar meester-brouwer Jean-Pierre Van Roy barst nog steeds van levenslust. In de bruine bar die boven de legendarische brouwerij verscholen ligt, ontvangt de ondubbelzinnige Brusseleir ons met een geuze van het huis - hoe kan het ook anders - en, onder zijn arm, twee volgepropte farden met nauwkeurig geklasseerde persknipsels. “Ik heb alles bijgehouden”, zegt Van Roy overtuigend. “Álles. Dat is ook nodig, want ik ben bezig met de stichting van een conservatorium voor de lambiek en ik werk aan een autobiografie.”


Mijn schoonvader was beschaamd. Al dat stof op die vaten, de vuile muren, ... maar ik heb een rondleiding georganiseerd

Jean-Pierre Van Roy

Van 200 naar 10

Van Roy heeft dan ook veel te vertellen. Aan het einde van de jaren veertig ontdekt hij de geuzesmaak door een suikerklontje in een glas te dippen op het Teirlinckplein in Beersel. In 1967 huwt Jean-Pierre met Claude, kleindochter van brouwerijbezieler Paul Cantillon. Twee jaar later gaat hij aan de slag in het familiebedrijf, enkele jaren later komt Van Roy zelf aan het roer van de brouwerij te staan.

“Het ging toen heel slecht met Cantillon. Tegenwoordig maakt men bier op één week tijd, maar als je pure lambiek maakt van spontane gisting en met die lambiek authentieke geuze brouwt, dan moet je tenminste twee en een half jaar wachten vooraleer je een fles kunt verkopen. Dat betekent dat je ook ruimte nodig hebt waar de bieren kunnen rijpen en rusten. Maar zoveel ruimte vraagt ook onderhoud, en dat leverde problemen op”, aldus Van Roy.

“Bovendien moest men te lang wachten vooraleer er wat winst gemaakt werd en kregen lambiekbrouwers hun bier niet meer verkocht in de horeca, waar de grote brouwerijen een beslag hadden gelegd op de menukaarten. De kleine onafhankelijke brouwer stierf een stille dood. In 1970 hadden we nog 200 klanten in het Brusselse, nu een tiental.”

Verder lezen: https://www.hln.be/brussel/reportage-cantillon-de-laatste-historische-brouwerij-van-brussel-mijn-schoonvader-zei-op-straat-geuze-schenken-gij-zijt-zot~ad3ca2df/

9 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven